De zomer staat weer voor de deur en we gaan ook dit jaar weer massaal op vakantie om even aan het hectische leven van werk en studie te ontsnappen. De vakantiekeuzes zijn daarbij zeer uiteenlopend: van prachtige oorden, ver buiten de landsgrenzen, tot gezellig campingvakanties in Nederland. Maar niet iedereen zoekt rust en ontspanning…
Saskia Kruijdenberg is voorzitter van de stichting Wij Helpen Daar, die zich inzet voor de minderbedeelden op de Balkan. Zij organiseert samen met vier andere Leidse studenten en net afgestudeerden, projecten waar groepen van zo’n tien personen naartoe gaan om mensen daar een mooie tijd te bezorgen. Er moet natuurlijk wel ingeleverd worden op de eigen vakantietijd. Wat motiveert mensen om hieraan deel te nemen?
Hoe ben je bij de stichting terecht gekomen?
“Een vriendin was in 2006 naar een tehuis voor kinderen met een lichamelijke en geestelijk beperking in het plaatsje Stamnica in Servië, geweest en vroeg of het misschien ook iets voor mij zou zijn. Ik heb toen ‘ja’ gezegd en ben in 2007 al meegegaan als projectleider.”
Hoe heb je het ervaren om deel te nemen aan dat project?
“Als heel bijzonder. Ik ben er al twee keer geweest en ik vond het aan de ene kant heel erg leuk, maar aan de andere kant ook wel heel heftig om de situatie te zien waarin de gehandicapten leven. Het heeft ook even moeten ‘bezinken’ voor ik een tweede keer ging, maar die tweede keer wist ik wel beter wat ik kon verwachten.”
Wat was voor jou een bijzonder moment toen je daar was?
“Ik vond het heel mooi om met de bewoners te ‘snoezelen’. Hierbij worden de zintuigen van de kinderen geprikkeld. Zo hadden we boa’s, glitterstaven en sprietachtige lampen waarmee we langs de zwaarder gehandicapte kinderen gingen. Het is dan heel bijzonder om bij hen een glimlach op het gezicht te zien, terwijl je daarvoor maar moeilijk contact met hen kon maken.”
Welke projecten heeft Wij Helpen Daar nog meer?
“Een verzorgingstehuis voor ouderen die niet meer in staat zijn voor zichzelf te zorgen en een tehuis voor kinderen die om verschillende redenen niet meer bij hun ouders wonen. Deze projecten zijn met name bedoeld om mensen, al dan niet met een beperking, de aandacht te geven die zij verdienen en hen op deze wijze een fijne tijd te bezorgen. Daarnaast is er nog een verzoeningskamp voor jongeren. Het doel van dit kamp is om jongeren met elkaar in contact te brengen en zo spanningen en vooroordelen weg te nemen, die na de oorlog nog altijd heersen in de Balkan.”
Wanneer ben je voorzitter geworden?
“In 2008 kwam ik een collega van Stamnica tegen die naast haar coschappen het bestuur in was gegaan. Ikzelf studeer net als zij geneeskunde en dacht: als zij het kan, dan kan ik het ook! Toen ben ik eerst bestuurslid ‘intern’ geworden en daarna voorzitter.”
Heb je al veel van je voorzitterschap geleerd?
“Jazeker, heel veel! Met name het samenwerken, maar dat had ik ook vorig jaar al toen ik lid intern was. Ik dacht van tevoren dat ik dat best kon, maar ik ben nogal perfectionistisch en het is dan heel leerzaam om ook anderen de ruimte te geven waardoor niet alles precies gaat zoals ik denk. Daarbij heb ik ook veel geleerd in het geven van leiding en hoe het in z’n werk gaat om bijvoorbeeld een subsidieaanvraag te doen.”
Wat motiveert je om je als bestuurslid in te zetten voor stichting Wij Helpen Daar?
“‘Leuk’ is misschien niet echt het juiste woord, maar ik vond het vooral een hele inspirerende ervaring om daarnaar toe te gaan en ik wil ook andere studenten die ervaring geven. Je hoeft als vrijwilliger niet persé naar Afrika voor schrijnende situaties, die vind je ook in Europa. Daarbij wilde ik graag iets doen naast m’n studie en Wij Helpen Daar is een goed doel, waardoor ik deze keuze heb gemaakt. Het is gewoon geweldig om diegenen een mooie tijd te bezorgen, voor wie dat niet zo vanzelfsprekend is.”
Hoe verzamelen jullie geld om de stichting draaiende te houden?
“We proberen fondsen te werven, maar dat loopt steeds verder terug. Dit jaar hebben we wel een collectevergunning gekregen van de gemeente Leiden, waardoor we van 28 juni t/m 4 juli kunnen collecteren. Daarnaast zorgt elke groep die een project gaat bezoeken voor minsten één actie. Dit jaar worden er o.a. benefietdiners georganiseerd en is er een high tea.”
Hoe worden deelnemers voorbereid op hun bezoek aan de Balkan?
“De deelnemers komen per project een aantal keer samen om elkaar te leren kennen en de activiteiten voor het project voor te bereiden. Daarnaast is dit jaar ook een groepje naar het Joegoslavië Tribunaal geweest. Verder organiseren we voorafgaand aan de projecten taalavonden om de deelnemers een beetje wegwijs te maken in het Servokroatisch. Ze kennen dan een aantal simpele woordjes wat bewoners van de tehuizen erg waarderen.”
Is de taal een barrière in de omgang met bewoners?
“Ondanks de woordjes uit de les verloopt de communicatie vooral via handen en voeten. Op onze site staat een filmpje waarop een deelnemer en een bewoner met elkaar lijken te praten, terwijl ze elkaars taal niet spreken. Dat is heel mooi om te zien dat taal toch geen barrière hoeft te zijn.”