
De Nationale Voorleesdagen gingen deze week voor de zevende keer van start. Tot 30 januari lezen bekende en onbekende Nederlanders het boek ‘De wiebelbillenboogie’ voor. Ook burgemeester Zonnevylle waagde zich donderdagochtend aan ‘De wiebelbillenboogie’. In bibliotheek BplusC leefden vijftig kinderen mee met de belevenissen van de boogie dansende olifantenfamilie.
“Het is belangrijk dat kinderen verbeeldingsvermogen ontwikkelen, en dat stimuleer je door voor te lezen”, stelt de burgemeester. Zelf denkt hij met weemoed terug aan de tijd dat zijn moeder hem voorlas uit de boekenreeks Saskia en Jeroen. “Zij las niet gewoon voor, maar haalde er van alles bij. Ze verlevendigde het verhaal, en dat is de lol ervan. Als ik voorlees probeer ik dat ook te doen.”
De Nationale Voorleesdagen hebben als doel voorlezen te bevorderen. De burgemeester vindt dat hard nodig: “Ouders hebben weinig tijd, en daardoor wordt er minder voorgelezen. De bedoeling van deze actie is dat kinderen nieuwsgierig worden naar boeken. Ook hoop ik dat de actie voorlezen stimuleert bij bevolkingsgroepen waar dat minder vanzelfsprekend is, bijvoorbeeld allochtonen.”
Het boek over de olifantenvader die op zijn kinderen past is volgens de burgemeester vernieuwend, omdat het niet uitgaat van de traditionele gezinssituatie. “Sommige mensen, bijvoorbeeld in orthodox protestantse kring, zullen het boek niet zo snel lezen omdat het niet bij hun levensbeeld past. Het boek is overigens wel geromantiseerd: nu lijkt het alsof iedere oppassende vader alleen maar spelletjes met zijn kinderen doet”, aldus een lachende Zonnevylle.